woensdag 27 juli 2011

Larenstein in zomerse sferen

Het zit er weer op voor dit schooljaar! Massaal worden de tassen uit de kast gehaald en ingepakt om meegenomen te worden naar afgelegen bestemmingen. Van Turkije tot Tunesië overal vind je tegenwoordig wel studenten die in hun vakantie hun grenzen gaan verleggen en uitwaaien naar streken ver buiten dit landgoed. Ook ik ga over niet al te lange tijd toch nog even lekker op vakantie en dus licht deze Blog even stil. Jammer jammer jammer hoor ik jullie denken. Maar wees gerust, in September pakken we gewoon de draad weer op! Voor nu, namens de hele VHL Natuur crew natuurlijk een fijne vakantie, waar je dan ook heen gaat en graag zien we je terug aan het begin van het volgend schooljaar.

Tim van Leeuwen
Commissaris Landgoed

dinsdag 12 juli 2011

Vampieren in het kasteel

Overdag verschuilen ze zich in de donkere hoeken van dit Landgoed, maar ‘s nachts worden ze actief en gaan dan op jacht. Geruisloos vliegen ze door de gangen opzoek naar niets vermoedende slachtoffers, die ze vervolgens verorberen met huid en haar!
Het lijk een passage uit een van de boeken van Bram Stoker, maar niets is minder waar. Dit is geen fictie, dit is echt! Alleen zijn hier de onschuldige slachtoffers niet bewoners van Transsylvanië, maar een handje vol nachtvlinders, muggen en andere zoemende insecten. Best wel nuttig dus, want veel van deze zoemers houden mij anders best wel uit de slaap! De vampier in kwestie is bovendien een Gewone Dwergvleermuis (Pipistrellus pipistrellus) en geen Karpatische heerser. Deze algemene vleermuissoort is waarschijnlijk binnen gekomen door een openstaand raam en heeft helaas niet op tijd de uitgang kunnen bereiken. Wel jammer voor de vleermuis maar toch ook wel weer een mooie kans om een schuw en verborgen levend diertje beter inbeeld te krijgen. De vleermuis is na zijn dood met veel eer begraven onder een van de heggen op het Landgoed. Kijk ’s nachts noch maar eens goed rond, mischien zie je nog wel een van zijn soortgenoten rondvliegen.

Foto en tekst: Tim van Leeuwen

woensdag 29 juni 2011

Een Duitser op bezoek

Op de Velpse locatie van internationale hogeschool van Hall Larenstein is vandaag een nieuwe plantensoort gevonden. Het gaat hier om Duits viltkruid (Filago vulgaris) een plant met een wel heel internationale naam die mooi past bij het imago van de school.
Hoewel de naam doet vermoedden dat de plant alleen in Duitsland voor komt, vind je hem toch wel verspreid van midden Azië tot zuidoost Europa. In Nederland word de plant thans nog als zeldzaam beschouwd maar het vermoedde bestaat dat dat niet helemaal meer op gaat. Voor de berekening van de zeldzaamheid van planten word gekeken in hoeveel atlasblokken (5 bij 5 km) de plant voor komt. Maar hiervoor worden vaak wat verouderde gegevens gebruikt en word de trend van de laatste jaren niet meegenomen. In de praktijk word de plant inmiddels op veel meer plaatsen gevonden dan 10 jaar geleden het geval was. Iets minder zeldzaam dan gedacht dus, maar toch nog een mooie ontdekking. Wil je het Duits viltkruid ook zien? Dat kan, hij staat voor de school in de Heemtuin op het grindpad en tegen de oudbouw aan de kant van de mammoetboom.

Foto en tekst: Tim van Leeuwen
Met dank aan: André Hertog

maandag 27 juni 2011

Het akker archief

Bloemrijke akkers zijn zowel een prestigeobject als een schrikbeeld. Het is maar welke mensen je er over spreekt. Bij sommige agrariërs zien hun vruchtbare bouwland dat al eeuwen in familiebezit is verdwijnen onder een bloemrijke akker. Het gewas dat zij er op zaaien brengt minder op door dat er concurrentiekrachtige planten als distels en melkdistels opkomen.
Bij sommige natuurbeschermers zijn bloemrijke juist de pareltjes van het boeren land. Zo zagen de akkers er rond 1850 uit. Toen was er noch echte natuur in Nederland, met herten aan de rijn en overal dassen en kwartels. Waar je ook liep overal kwam je planten en dieren die je tegenwoordig (bijna) nergens meer ziet. Door dat vroegere beheer weer te herintroduceren (zo redeneren deze natuurorganisaties) komen ook de soorten die daar bij horen weer terug.
Welk standpunt uiteindelijk het juiste standpunt is mag je zelf bepalen maar om in ieder geval een beeld te krijgen van wat een bloemrijke akker nou inhoud hebben wij hier op Landgoed Larenstein enkele voorbeelden van bloemrijke akkertjes aangelegd. Twee liggen er achter de kleidijk in de heemtuin en een licht er voor aan de overkant van het blauwgrasland. De bloemrijke akker die voor de kleidijk ligt (foto) is vorig jaar ingezaaid met winterrogge. Na de oogst van dit gewas is het hooi opgestapeld in hooimijten en vervolgens omgeploegd. De akker is in het verleden ingezaaid, maar inmiddels handhaaft de begroeiing zich zonder dat er ieder jaar word ingezaaid. Het moge duidelijk zijn dat deze akker in dit seizoen niet gebruikt kan worden voor het verbouwen van roggen of tarwe. Maar aan de andere kant staat hij nu wel vol met een zeldzame bloemenpracht. En welke keus maak je dan als beheerder….

Tekst en Foto: Tim van Leeuwen

maandag 20 juni 2011

Stekende Aloë

Dagelijks loopt bijna de gehele schoolbevolking er wel langs, de twee grote stekelige woestijnplanten die voor de ingang van het schoolgebouw staan. Vele malen heb ik me inmiddels afgevraagd wat het in vredesnaam zijn, of ze wel echt zijn en niet van plastic en waar ze vandaan komen. Na me dit een aantal jaar afgevraagd te hebben was vandaag het moment aangebroken dat ik maar eens ben gaan uitzoeken hoe het allemaal zit. En het verhaal achter de planten bleek best interessant te zijn.
De planten die voor de school staan zijn allebei van de zelfde soort, hoewel je dat op uiterlijk niet zou zeggen. De honderdjarige aloë (Agave americana) heeft een grijze en een geelgerande variant . Beide zijn oorspronkelijk afkomstig uit Mexico en zijn inmiddels in veel landen over de hele wereld als sierplant ingevoerd. Hoewel deze plant de honderdjarige aloë heet heeft ze niet de zelfde helende werking als de Aloë vera (Aloe vera). Waar het sap van de aloë vera zacht en verzorgend voor je huid is, veroorzaakt het sap van de honderdjarige aloë direct na contact een ernstige huidirritatie die dagenlang kan aanhouden. Niet echt iets voor je shampoo dus.
Waarom heet de plant dan toch aloë? Nou uiterlijk lijken de planten best wel op elkaar, dus toen de plant ontdekt werd in de 16e eeuw hebben de naamgevers hem waarschijnlijk abusievelijk bij de aloë’s ingedeeld. Tegenwoordig weten we wel beter, zou je denken. Maar zelfs met de meest moderne technieken zijn wetenschappers er nog niet uit waar ze deze plant moeten indelen. Het geslacht agave, waarbij ook de honderdjarige aloë word ingedeeld, worden in het ene systeem gedeeltelijk ingedeeld bij de agave familie (Agavaceae) en gedeeltelijk bij de asperge familie (Aspergefamilie). In een ander systeem is deze splitsing verdwenen en worden alle planten ingedeeld in de agave familie die als onderfamilie bij de asperge familie is ingedeeld. Denk daar de volgende keer eens over na als je aanvalt op je bord aspergesoep.

Tekst: Tim van Leeuwen
Foto: Robin Kraaij

donderdag 12 mei 2011

Als een rat in het water

Hoewel de meeste zoogdieren zoals wij het liever niet al te nat hebben, krijgen sommige dieren maar geen genoeg van dat water. De muskusrat (Ondatra zibethicus) is een van die echte waterdieren.
Een groot deel van de nacht en de avond brengt hij zoekend naar voedsel al zwemmend en duikend door. Voortgestuwd door zijn krachtige staart verorbert hij zo water- en oeverplanten en zo af en toe een keer een mossel of een visje. Wel een leuk diertje dus, maar eigenlijk hoort hij niet hier.
De muskusrat is van oorsprong afkomstig uit Noord Amerika en dat het dier nu hier is hebben we allemaal te danken aan een Boheemse prins. Zijn naam was Colloredo Mannsfeld en in 1905 besloot hij na een geslaagde jachtexpeditie in het zuidoosten van Canada een paar van deze schattige diertjes mee te nemen naar zijn buitenverblijf nabij Praag. Daar voerde hij ze wortelen en aardappelen en de diertjes vermenigvuldigden zich zeer goed. Zo goed zelfs dat een deskundige de populatie tien jaar later in een straal van honderd kilometer rond het landgoed op ongeveer twee miljoen schatte! De invasie was een toen al niet meer te stuiten en in 1946 bereikte het knaagdier Nederland.
Het dier is vooral schadelijk omdat het holen graaft in waterkeringen (dijken) en oevers waardoor deze instorten. Maar gelukkig is er ook een oplossing. Het waterkonijn, zoals de waterrat in België ook wel word genoemd, is een ware delicatesse (zie hier voor een recept). Ook de vacht van dit diertje is bijzonder bruikbaar. Dit was dan ook de oorspronkelijke rede dat meneer Mannsfeld zo lustig op jacht ging. De vacht is zeer warm en bovendien ook waterdicht.
Het dier op de foto is op 19 april in de vijver dicht bij de ringentuin waargenomen door Jacob Nugteren. Helaas heeft hij hem niet kunnen vangen, dan hadden we het recept nog eens kunnen maken.

Tekst: Tim van leeuwen
Foto: Jacob Nugteren