maandag 16 september 2013

Reuzen op het landgoed

Nee, dit is niet de titel van een sprookje. Het is echt waar! Afgelopen vrijdag bevonden zich reuzen op Landgoed Larenstein. Weliswaar geen reuzen in verhouding tot mensen, maar wel reusachtige zweefvliegen. Op en rond de vlinderstruiken in de T&L tuin, nabij de bijenkasten zoemden twee vrouwtjes van de stadsreus (Volucella zonaria).
Mijn eerste ingeving was, hé een hoornaar! Maar na even goed kijken liet ik deze conclusie al snel varen. Toch te klein en andere uiterlijke kenmerken die niet overeen komen met een hoornaar. De vergelijking met een hoornaar is niet gek, ik stond namelijk oog in oog met de grootste zweefvlieg van Nederland! Zoals de naam stadsreus wellicht doet vermoeden, komt deze soort naast allerlei typen bos en halfopen landschap opvallend vaak voor in stedelijk gebied, zoals in parken, tuinen en plantsoenen.
De twee vrouwtjes die ik op Landgoed Larenstein zag, zijn als vrouwtjes te herkennen, doordat de ogen bovenop hun kop gescheiden zijn. Bij mannetjes zitten de ogen tegen elkaar aan. Stadsreuzen bezoeken bloemen met schermen en trossen, zoals koninginnenkruid, valeriaan en waar ik ze op het landgoed zag, vlinderstruik.
Vrouwtje Volucella zonaria bij nest van gewone wesp.
 De larven van de stadsreus ontwikkelen zich in boven- en ondergrondse nesten van sociale plooivleugelwespen. Voor zover bekend van Duitse wesp, gewone wesp en hoornaar. De larven leven onderin het nest van afval en dode wespenlarven.
Tekst en foto’s: Tamar Braaksma
Afbeelding: zie bron.
Bron: De Nederlandse zweefvliegen (Diptera: Syrphidae). – Nederlandse Fauna 8. Leiden. Nationaal Natuurhistorisch Museum Naturalis KNNV Uitgeverij, European Invertebrate Survey – Nederland.  


 

zaterdag 31 augustus 2013

Gewone dwergvleermuis

In de zomervakantie kan Landgoed Larenstein even opgelucht ademhalen. De vele voeten welke het landgoed dagelijks te verduren krijgt, verspreiden zich dan over Nederland, Europa en misschien wel daarbuiten. Afgelopen zondagavond was het landgoed nog in een diepe rust. Een blauwe reiger vloog zwijgzaam op vanaf de waterkant van de grote vijver. Teunisbloemen langs de waterkant wuifden weemoedig mee met de wind, denkend aan de tijd dat zij vol belangstelling bekeken werden door de talloze studenten die iedere dag passeerden. De ondergaande zon deed Landgoed Larenstein zondagavond veranderen van een stil en verlaten landgoed naar een landgoed vol leven: het werd het domein van vleermuizen.

Talloze gewone dwergvleermuizen (Pipistrellus pipistrellus) zag ik jagend boven het landgoed. Ogenschijnlijk in stilte, maar wanneer ik mijn batdetector aanzette werd ik overweldigd door een luid kabaal. Een vlak over je heen vliegende gewone dwergvleermuis  klinkt zo : http://waarneming.nl/sound/6/2146.mp3 . De naam dwergvleermuis is erg toepasselijk, het diertje weegt slechts 3 tot 7 gram. Verder is de vleermuis bruin, met driehoekige oren. De rugzijde is donkerbruin, soms roodbruin. De onderzijde is wat lichter geelbruin, soms grijsbruin. Qua biotoopeisen is de gewone dwergvleermuis een zeer flexibele soort: van stadscentra tot menselijke nederzettingen op het platteland en in bijna alle andere biotopen. Waar aanwezig, wordt de voorkeur gegeven aan bossen en wateren. Tijdens het foerageren vliegen gewone dwergvleermuizen behendig en onregelmatig. Zij vangen hun prooi doorgaans langs lijnvormige structuren op vaste vliegroutes, met snelle manoeuvres en duikvluchten. Verspreid over een donker Landgoed Larenstein zag en hoorde ik verschillende gewone dwergvleermuizen. Echt genieten!
Nu is het gedaan met de serene rust die de afgelopen weken op Landgoed Larenstein heerste. Vele voeten zullen tijdens de introductieweek en tijdens de rest van het schooljaar het landgoed betreden. Het landgoed komt langzaam weer tot leven.


Tekst: Tamar Braaksma
Foto: Theo Bakker
Bron: Vleermuizen Alle soorten van Europa en Noordwest-Afrika, Tirion Natuur 2009.

donderdag 13 juni 2013

Icarusblauwtje

Zo, even een half uurtje naar buiten. Even genieten van het landgoed en bijkomen van dingen, waar wij mensen moe van worden: zittend voor een beeldscherm rapporten schrijven en naar Excel bestanden turen. Eenmaal buiten op de grote wereld kun je je groots voelen door de vrijheid. De vrijheid om er even uit te zijn, te mogen genieten van de zon en om je verstand op nul te kunnen zetten. Maar soms voel je je klein en nietig, wanneer het stormt en je haast weggeblazen wordt. Hoe zou het icarusblauwtje (Polyommatus icarus) dat ik vandaag tegenkwam, zich gevoeld hebben? Ik zag een blauwtje vliegen, dapper, onverschrokken  recht tegen de wind in. Op zoek naar een beschut plekje om bij te komen en op te kunnen warmen. De wind maakte het niet bepaald tot een paradijselijke plek. Wild ging de bloeiaar van smalle weegbree, waar het icarusblauwtje zich aan vast had geklampt heen en weer.


 Het icarusblauwtje is een algemene standvlinder, welke in twee, soms drie generaties vliegt, van mei tot eind augustus. Deze algemene dagvlinder komt in vrijwel heel Nederland voor bij allerlei kruidenrijke graslanden. ‘Mijn’ icarusblauwtje kwam ik tegen bij een kruidenrijk graslandje nabij de ‘kunstwerken’, langs het spoor bij Helicon. De waardplanten zijn verschillende vlinderbloemigen, met name kleine klaver, rolklaver en hopklaver. Vrouwtjes van de eerste generatie zetten de eitjes vooral af op kleine klaver, vrouwtjes van latere generaties gebruiken met name rolklaver. Aanvankelijk mineert de jonge rups in het blad; het rupsje leeft dus in het blad. Alleen het tussenweefsel van het blad wordt gegeten. Latere stadia van de rups leven aan de buitenzijde en eten het hele blad. Halfvolgroeide rupsen overwinteren in de strooisellaag of laag tegen de stengel van de waardplant.



Icarusblauwtjes voeden zich met nectar van hoofdzakelijk vlinderbloemigen, maar ook andere kruiden worden bezocht. De vlinders overnachten vaak in kleine groepjes in beschutte graspollen. Twee tot drie vlinders zitten dan met de kop naar beneden op een grasspriet. In de vroege ochtend en de late namiddag zijn ze regelmatig te zien op deze gezamenlijke rustplaatsen.  
Het maaibeheer is op Landgoed Larenstein ingesteld op de grote ratelaar. Deze plant is een halfparasiet en parasiteert op grassen. Als gevolg hiervan kunnen kruiden beter tot ontwikkeling komen. Het icarusblauwtje heeft dus, samen met andere ruigteminnende soorten, profijt van het maaibeheer op het landgoed.

Dus geef de tuinmannen eens een schouderklopje en ga op zoek naar groepjes rustende icarusblauwtjes!

Tekst en foto’s: Tamar Braaksma

Bron: De dagvlinders van Nederland, verspreiding en bescherming (Lepidoptera: Hesperioidea, Papilionoidea. – Nederlandse Fauna 7. Leiden. Nationaal Natuurhistorisch Museum Naturalis, KNNV Uitgeverij & European Invertebrate Survey – Nederland.

zaterdag 8 juni 2013

Vlindertijd

Het heeft even geduurd maar de laatste dagen is het eindelijk weer mooi (dag)vlinderweer! De waarnemingen van het oranjetipje lopen helaas alweer op z'n eind maar ondertussen zijn er andere vlinders te zien. Zo zijn er nu icarus- en boomblauwtjes te zien. Het boomblauwtje is een lichtblauw gekleurd dagvlindertje dat vaak bij bomen en struiken te vinden is. Een hele goede plek voor boomblauwtjes is een klimopstruik, klimop is ook een van de waardplanten van het boomblauwtje. Icarusblauwtjes zijn iets feller gekleurd dan het boomblauwtje en deze kun je in graslandjes aantreffen. De dagvlinder die ik de laatste tijd het meeste heb gezien op landgoed Larenstein is het bont zandoogje. Bont zandoogjes zijn vooral in bosranden en open plekken in het bos aan te treffen. Het bont zandoogje is een algemene vlinder in Nederland en een van de weinige dagvlinders die in aantal vooruit gaat.

Het mannetje van het bont zandoogje is een echt heethoofd, mannetjes bezetten een territorium in bossen en aan bosranden en verjagen alles wat er bij  ze in de buurt komt. Andere mannetjes, insecten en zelfs vogels worden verjaagd door het mannetje. Als er een vrouwtje in de buurt dan wordt deze achtervolgd en zal er na een balt en paring plaatsvinden. Het vrouwtje zet  haar eitjes af op grassen als kweek, kropaar, witbollen, boskortsteel en reuzenzwenkgras.

Dus mocht je het bont zandoogje ook willen zien, kijk dan in de bosgebieden op het landgoed, het kappellenbos is bijvoorbeeld een goede plek om ze te zien.

Tekst en foto: Jurgen Rotteveel

Bron: De dagvlinders van Nederland, nederlandse fauna 7 - De Vlinderstichting 2006 - KNNV uitgeverij, Wageningen

Nu ook op Facebook!


Een tijdje geleden zijn we gestart met de VHL Natuur Facebookpagina. Deze Facebookpagina is te vinden via: https://www.facebook.com/VhlNatuur. Er worden wekelijks foto's en korte berichten geplaatst over het landgoed Larenstein. Heb je zelf iets gezien? plaats het dan op de VHL Natuur Facebook!

Tekst en foto: Jurgen Rotteveel.

vrijdag 7 juni 2013

De radio op bezoek

Gisterochtend kwam Jeannette Parramore van het radioprogramma Vroege vogels langs om een reportage te maken over ons mooie landgoed. Een tijd geleden hebben wij het landgoed aangemeld als ''tuinreservaat''. Tuinreservaten is in het leven geroepen door Vroege vogels en omvat een groot aantal Nederlandse tuinen die stuk voor stuk kleine natuurgebiedjes zijn. En zo werd er via Floris Moolenbeek een interview geregeld. En zo geschiedde het dat Floris samen met Jurgen Rotteveel een rondleiding gaf over het landgoed en ook vertelde over het vogelring project van Floris.



Vroege vogels is iedere zondagochtend te beluisteren van 08:00 tot 10:00 op radio 1. Het item over het landgoed Larenstein wordt komende zondag uitgezonden.



Tekst en foto's: Jurgen Rotteveel.

Link Tuinreservaten van Vroege vogels: http://vroegevogels.vara.nl/Tuinreservaten.952.0.html